Was De Atoomaanval Nodig?

Gouden Paviljoen, Kyoto, Japan, foto Anita van Leeuwen

Vandaag is het meer dan zeventig jaar geleden dat kolonel William S. Parsons, bemanningslid van de Enolay Gay, in zijn logboek noteerde '0900 Hiroshima in sight' en vervolgens '0915,5 drop bomb'. Over wat toen volgde, is onbeschrijflijk veel te zeggen. Ik beperk me tot de kop van die middag in The New York Times: FIRST ATOMIC BOMB DROPPED ON JAPAN.

Japan was eind juli 1945 al bijna verslagen. Marine en luchtvloot lagen in puin. Rusland stond op het punt de Japanners de oorlog te verklaren. 'Fini Japs when that comes about’, schreef president Harry S. Truman op 17 juli in zijn dagboek.

Waarom was het nodig Fat Man naar beneden te gooien slechts drie dagen na Little Boy? Waarom Japan niet iets meer tijd gegund om te capituleren? Een rol speelde mogelijk dat de leiders van het Manhattanproject zowel een uraniumbom (Hiroshima) als een plutoniumbom (Nagasaki) getest wilden hebben. De twee bommen waren nu eenmaal lang van te voren gepland en niemand die er in de hectiek van die drie dagen aan dacht om het automatisme te doorbreken.

Nagasaki was erger dan een misdrijf: het was een foutje.

De Ban de Bom-beweging was een van de eerste organisaties in Nederland die zich tegen de atoombewapening verzette. Niet iedereen was onmiddellijk met het daarbij behorende PEACE symbool vertrouwd. ‘In Rotterdam demonstreerden op de Lijnbaan vier Ban-de-bommers abusievelijk met het Mercedes Benz-teken’, volgens Roel van Duyn in 1961.