Tardi

Tardi

Tardi, Loopgravenoorlog

Jacques Tardi werd bekend met de stripreeks Isabelle Avondrood over een gewiekste, onverschrokken avonturierster in de jaren rond de Eerste Wereldoorlog.

De verhalen van Tardi over de Eerste Wereldoorlog hebben zonder meer een antimilitaristische strekking: oorlog is zinloos, generaals maken goede sier, de gewone man en vrouw zijn de lul. Al in het begin van zijn carrière tekende hij korte, vaak trieste verhalen, soms zonder begin of einde, fragmenten uit de loopgraven, waarin de zinloosheid, verdwazing en waanzin in beeld wordt gebracht. Later gedeeltelijk hertekend en gebundeld in Loopgravenoorlog (1993).

De grote slachting 1914-1919 (scenario: J.P. Vernay), is het verhaal van soldaten die alle verschrikkingen van de oorlog doorstaan. Opmerkelijk in dit album is Tardi’s werk met kleur: naarmate de oorlog vordert, verschuiven de kleuren van vrolijke voorjaarskleuren naar het gele van het mosterdgas, naar het grijs van de loopgraven, de regen en de blubber en uiteindelijk naar het zwart van de dood.

Sympathie voor figuren uit de zelfkant van de samenleving blijkt onder andere uit zijn albums De Kakkerlakkenkiller (1984) en Griffu (1996). Tardi toont zich uitermate kritisch tegenover hedendaagse uitwassen van de gereguleerde Franse samenleving. Verder heb ik nog Vaarwel Morgendauw & Het Gebroken Geweertje (1979), De IJsdemon (1980), Het Gedrocht en de Guillotine (1980) met daarin negen verhalen die eerder verschenen in de befaamde Franse stripbladen Pilote en Charlie, en Soldaat Varlot (1999). Bovendien verscheen Tardi regelmatig in Wordt Vervolgd, het stripblad dat inmiddels helaas ter ziele is gegaan.

Tardi heeft een voorliefde voor het tekenen van verhalen die spelen in het begin van de vorige eeuw. De laatste jaren echter lijkt hij steeds beter uit de voeten te kunnen met verhalen die in een recentere periode spelen. Zo als het complete oeuvre van de Franse thrillerauteur Jean-Patrick Manchette (1942-1995) in stripvorm te gieten o.a. De sluipschutter en Gek op Moorden. De gebeurtenissen in de boeken van Manchette onthullen het tekort van regering en autoriteiten wanneer het de bestrijding van georganiseerde misdaad betreft en andere maatschappelijke verschijnselen waarop de overheid de controle is verloren of waarbij zij al of niet goedkeurend langs de zijlijn blijft staan.

Het nieuwe album Ik René Tardi, lijkt op het eerste gezicht een jeugdherinnering van Tardi, in bredere zin misschien een familiegeschiedenis, maar ook hier wordt de Franse staat aangeklaagd – zowel de oorspronkelijke als wel de collaborerende Vichy-regering die zich als Franse staat presenteerde – die in de Tweede Wereldoorlog haar soldaten heeft laten creperen in Duitse gevangenschap. Tardi is één der weinige tekenaars die de Eerste Wereldoorlog op een uiterst aangrijpende manier weet te tekenen. Bij hem geen mooie afgelikte plaatjes gevuld met glorierijke helden, maar aangrijpende pagina's vol oorlogshorror, waarbij de kleine man steevast het onderspit delft.

Dit epistel is niet volledig. Tardi heeft als geen ander de Eerste Wereldoorlog gruwelijk in beeld gebracht en soms dacht ik dat hij een oud album verpakt had in een nieuwe kaft als ik die zinloze moordpartijen weer zag. Zodat ik niet al zijn stripalbums heb aangeschaft zoals Mijn terugkeer naar Frankrijk en Na de Oorlog, ondanks dat hij dit prachtig verbeeld heeft.

Mijn laatste album van hem was Ik René Tardi, totdat ik weer iets nieuws tegenkwam De Reis van Alfons (2003). Een prachtexemplaar van klein formaat tussen al die reuzen van zijn hand. Een kinderboek met wondermooie illustraties, geschreven door Antoine Leconte, over een sterk vervuilde aarde waarin de lucht was vergeven door de stank uit fabrieksschoorstenen, die rookwolken uitspuwden zo dik als brij.

Tekst bij illustratie: 330.000.000 m3 grond zou er nodig zijn om de 780 km. loopgraven van het front te dempen… en de prijs? Van de kanonnen, granaten etc… 2500 goudfranken! Daarvoor had elke inwoner van Europa - de Russen niet meegerekend - een vierkamer appartement kunnen krijgen… Maar ach, het zijn maar cijfers.