Scheepssier 5

Grote Cartouche, Batavia

Grote Cartouche, Batavia

Als we de achterzijde van de Batavia bezien onderscheiden we in de constructie van beneden naar boven: holle wulf, bolle wulf, raampartij, platte wulf en het doorluchtig wulf. 

De holle wulf zit boven de hekbalk en is beschilderd met een zeegezicht. De bolle wulf, vormt de galerij en de raampartij. Op het rechte wulf bevindt zich het tafereel en dat heeft betrekking op de naam van het schip, dit wordt geflankeerd met staatshouten. Het doorluchtig wulf, gesneden door Francesca Runting, bekroont samen met de lantaarn het schip.

Bovenop al dat snijwerk bevindt zich een heklantaarn van wonderbaarlijke schoonheid met vrouwelijke halffiguren die het licht brengen, in dagen van grote duisternis, om het schip en de bemanning te verlichten. De lantaarn bestaat uit eikenhout en is met bladgoud belegd en heeft een koperen kap. Het eikenhout is bloedrood geschilderd zodat de onderschildering het bladgoud nog meer glans geeft. In die dagen moest eerst de mixtion aangebracht worden en een paar uur later konden we de blaadjes bladgoud aanbrengen. De blaadjes waren van te voren tot een kwart gesneden op een goudkussen. Het goud, dat tot een dikte van 0,0001 mm was gewalst, werd met een statisch gemaakte goudoplegger aangebracht op de lantaarn. Daarna werd met een goudstoffer het goud goed aangedrukt en het overtollig goud verwijdert.

Destijds waren de raampjes van een lantaarn van hoorn en niet van glas. Sietze Venema heeft ooit de hand kunnen leggen op een partijtje koehoorns. In deze hoorns zit een eeltpit en die moet uitgerot worden en daarom moest de partij begraven worden. Als je de hoorns weer opgraaft blijkt de eeltpit los te zitten en kan deze verwijderd worden. De lucht die daarbij vrijkomt is zo heftig, dat een week nadien je nog moest kokhalzen als je alleen maar een hoorn ziet of hoort. Daar kwam ik achter toen ik luisterde naar het Horn Concerto Nr.3 KV.447 II.Romanze van W. A. Mozart gespeeld door Radek Baborák en het snot uit mijn ogen kwam. We gingen niet verder met dit experiment en de raampjes zijn nu van glas

Op het rechte wulf staat het grote cartouche met de kruizen van de voetbalclub AJAX, zei laatst een jongetje, die op bezoek was bij de Batavia. Ofwel de Andreaskruisen van de stad Amsterdam, die als in een theater wordt onthuld door twee engeltjes die de gordijnen open trekken. Aan de onderzijde zien we een dubbele lijst met vier mannenkoppen, zogeheten tronies, dit heet het Fries. Tussen de vensters staan vier themabeelden van links naar rechts Brinio, de leider der Kaninefaten, Julius Civilis, leider der Bataven, Willem van Oranje en Maurits van Oranje.    

Onder de themabeelden, dus op het bolle wulf, vinden we een medaillon van de VOC kamer Amsterdam. Dit medaillon wordt geflankeerd door 14 vervaarlijke Bataafse krijgers. Het medaillon en het grote cartouche zijn beide gesneden in de jaren 1994/95. En daaronder 12 grotesken die de zee afspieden. En nog wat lager twee openingen, waar de roertalies (borglijn voor het roer) doorlopen. Deze zien er uit als een tulband en heten kardinaalsmutsen. Het eerste werkstuk van Bert van Leeuwen dat op de Batavia ging. Toen ik iemand hier op wees zei hij: ‘O, een stuk hout met een gat erin.’ Precies wat het is, een stuk hout met een gat erin. Aan stuur- en bakboord bevindt zich nog een galerij ‘beset met beeldewerck’.