Kermis

Steile Wand

Bert van Leeuwen

Langs de Zaan bij Wormerveer stond vroeger de kermis. Er was een tent waar je kon vechten tegen de beer. Een boomlange man stapte de ring binnen en werd gelijktijdig uit zijn schoenen geslagen. Gelukkig voor hem had de beer handschoenen aan.

Ik zag dit uit mijn ooghoek toen ik zo groot was en veel liever. Netzo als het vliegdekschip, of beter: vliegkampschip, Hr. Ms. Karel Doorman, één van de bekendste Nederlandse marineschepen, wat voorbij kwam drijven door de Zaan. Later werd de kermis verplaatst naar het marktplein, waar ooit het Rode dorp had gestaan opgebouwd uit half verrotte arbeiderswoningen.

Ik ging door golven kabaal, sirenes, luchtschommels en de onvermijdelijke botsauto’s. Langs Robot Volta, de elektrische wondermens, die lampen kon laten branden op zijn lichaam, naar een rond hoog bouwsel. Twee jongens nog in motorpakken, en zilveren capes op hun rug, lieten hun motoren razen om publiek te lokken. Een vrouw in een goudgeel glitterpakje riep in een microfoon dat de voorstelling slechts een kwartje kostte. Elk optreden werd besloten met een dodenrit en het was dit of oubliehoorns met slagroom daarin of een paar keer touwtje trekken. Een kwartje meer had ik niet. Mijn plastic spaarvarken was leeg en met mijn rapport van de lagere school had ik ook al geen hoge ogen gegooid.

Ik beklom de trap die naar de omloop leidde en bevond me in een halfduistere ronde cabine. Als ik naar beneden keek was daar een schuin naar de grond aflopend platform. Twee motoren begonnen achter elkaar rondjes te draaien en klommen geleidelijk aan naar boven, zodat ik ze bijna kon aanraken in de lucht van benzine en het schijnsel van de lampen. Ze gingen steeds sneller tot aan de rode lijn die de racetobbe begrensde.

De motoren lieten zich terugzakken naar de bodem. Twee dames in glitterpakken maakten een handstand op het stuur van de motoren en de motorrijders werden geblinddoekt zodat zij niets meer zagen. En om dit te bewijzen stak de spreekstalmeester drie vingers omhoog en de motorrijder zei vijf. De motorrijders deden hun rondjes en de dames maakten met hun benen fietsbewegingen in de lucht.  De snelheid nam toe en de motorduivels lieten hun stuur los. De motoren passeerden elkaar rakelings in tegengestelde richting. Op het moment dat de motorrijders hun blinddoeken aftrokken zakten ze beheerst naar beneden.

De voorstelling was afgelopen en het publiek applaudisseerden lang en luid.