Buitenaardse Meteoriet

Meteoriet

Bert van Leeuwen

Ze zaten in een verwaarloosd huis in Wormerveer. Het was zaterdagavond in een van de wreedste gemeente van Noord-Holland. Sjon had net een nieuwe fles whisky aangebroken.

Er lagen lege bierflesjes op de tafel en de vloer. Er stond ook een schaaltje met zoute pinda’s naast de asbak. Zachte plakjes leverworst waren in het tapijt getrapt, van een paar dagen eerder. De TV stond aan en de radio ook.

Sjon had een nogal mager en gemeen gezicht waar een neus uitstak en hij had vrolijke en tegelijk trieste ogen. Joep was iets jonger en een stuk dikker. Hij las vroeger de KIJK, een populairwetenschappelijk tijdschrift voor de jeugd van Nederland. Daar kwam zijn fascinatie voor al die leuke weetjes en opzienbarende onderzoeken vandaan. Sjon was asfaltafwerker met een slechte rug en nek. Hij had een invaliditeitsuitkering en zijn vriendin was alweer een paar dagen weg om sigaretten te halen.

Joep deed wat bij een attractiepark. Sjon en Joep hadden alle twee gezeten voor vernieling, molest en brandstichting en als ze minder geluk hadden gehad zaten ze nu nog in de bak. Ze wisten het. Het maakte niet uit. Ze hadden het huis voor zich alleen.

De een stak nog maar eens een sigaret op en probeerde al jaren te stoppen. De ander was gestopt en rookte nu shag in een pijp. Ze waren een jaar of dertig en hadden de ontspannen kalmte van hen die een zwaar en onmogelijk leven hebben. Ze wisten dat ’t allemaal een hoop ellende was maar ze weigerden ’t op te geven.

‘Snap je,’ zei Joep terwijl hij een slok bier nam, ‘ik heb jou gekozen, man. Jou kan ik vertrouwen. Ik heb zo’n hekel aan die tering dolfijnen. Die dolfijnen doen allemaal trucjes, gesnater en lachen. Trucjes man en lachen. Weet je dat ze tegen prinses Irene hebben aan lopen pissen. Dat kan je zien met ‘n speciale warmtecamera. Die dolfijnen willen de wereld veroveren. Ze worden in Rusland getraind. Het zijn speciale oorlogsdolfijnen.’

Sjon schonk zijn hele glas vol met whisky en Joep klopte zijn pijp uit in het bakje met pinda’s.

KNAL. Ze hoorden een knal. Sjon en Joep gingen naar buiten om te kijken. Sjon z’n auto was geraakt door een buitenaardse meteoriet. Het werd ook steeds gekker.